In de lessen architecturale vorming wordt de functionele en constructieve logica – bij het ontwerpen en oprichten van een bouwwerk – aan een indringend onderzoek onderworpen. Dit observeren vormt de aanzet tot een architecturaal denken.
Bij het verwerven van nieuwe ruimtelijke inzichten spelen diverse voorstellingsmethoden – zoals schaaltekeningen, perspectieven en maquettes – een belangrijke rol: de leerling leert ze ‘lezen’, begrijpen en stapsgewijs zelf uitwerken.
De rijke taal der bouwkunst zal ook tot inspiratie dienen bij het bedenken van creatieve plastische antwoorden op de soms concrete, soms conceptueel-abstracte vraagstelling(en) in de vormstudieopdracht. De leerling leert creatief omgaan met de compositie van ruimtelijke structuren die architecturale kwaliteiten kunnen bezitten.